Vraag 28Waartoe dient ons dat wij weten dat God alles geschapen heeft en nog door Zijn voorzienigheid onderhoudt?

Antwoord:

Dat wij in allen tegenspoed geduldig, a
in voorspoed dankbaar zijn mogen, b
en in alles dat ons nog toekomen kan,
een goed toevoorzicht hebben op onzen getrouwen God en Vader, c
dat ons geen schepsel van Zijn liefde scheiden zal, d
aangezien alle schepselen alzo in Zijn hand zijn,
dat zij tegen Zijn wil zich noch roeren, noch bewegen kunnen. e

Bewijsteksten

a

En niet alleenlijk dit, maar wij roemen ook in de verdrukkingen, wetende, dat de verdrukking lijdzaamheid werkt. Romeinen 5:3

Wetende, dat de beproeving uws geloofs lijdzaamheid werkt. Jakobus 1:3

Ik ben verstomd, ik zal mijn mond niet opendoen, want Gij hebt het gedaan. Psalmen 39:10

En hij zeide: Naakt ben ik uit mijner moeders buik gekomen, en naakt zal ik daarhenen wederkeren. De HEERE heeft gegeven, en de HEERE heeft genomen; de Naam des HEEREN zij geloofd! In dit alles zondigde Job niet, en schreef Gode niets ongerijmds toe. Job 1:21-22

b

Dankt God in alles; want dit is de wil van God in Christus Jezus over u. 1 Thessalonicenzen 5:18

Als gij dan zult gegeten hebben, en verzadigd zijn, zo zult gij den HEERE, uw God, loven over dat goede land, dat Hij u zal hebben gegeven. Deuteronomium 8:10

c

Werp uw zorg op den HEERE, en Hij zal u onderhouden; Hij zal in eeuwigheid niet toelaten, dat de rechtvaardige wankele. Psalmen 55:23

En de lijdzaamheid bevinding, en de bevinding hoop. Romeinen 5:4

d

Want ik ben verzekerd, dat noch dood, noch leven, noch engelen, noch overheden, noch machten, noch tegenwoordige, noch toekomende dingen, Noch hoogte, noch diepte, noch enig ander schepsel ons zal kunnen scheiden van de liefde Gods, welke is in Christus Jezus, onzen Heere. Romeinen 8:38-39

e

En de HEERE zeide tot den satan: Zie, al wat hij heeft, zij in uw hand; alleen aan hem strek uw hand niet uit. En de satan ging uit van het aangezicht des HEEREN. Job 1:12

En de HEERE zeide tot den satan: Zie, hij zij in uw hand, doch verschoon zijn leven. Job 2:6

Des konings hart is in de hand des HEEREN als waterbeken. Hij neigt het tot al wat Hij wil. Spreuken 21:1

En wordt ook van mensenhanden niet gediend, als iets behoevende, alzo Hij Zelf allen het leven en den adem, en alle dingen geeft. Handelingen 17:25

origineel
SV
onder tekst
16
leermodusleren