6

Heeft dan God den mens alzo boos en verkeerd geschapen?

Neen Hij; maar God heeft den mens goed a
en naar Zijn evenbeeld geschapen,
b
dat is in ware gerechtigheid en heiligheid,
opdat hij God zijn Schepper recht kennen,
Hem van harte liefhebben
en met Hem in de eeuwige zaligheid leven zou,
om Hem te loven en te prijzen.
c

7

Vanwaar komt dan zulke verdorven aard des mensen?

Uit den val en de ongehoorzaamheid
onzer eerste voorouders, Adam en Eva,
in het paradijs,
a
waar onze natuur
alzo is verdorven geworden,
dat wij allen in zonden ontvangen en geboren worden.
b

origineel
SV
16
leermodusleren