9

Is het niet oneerlijk van God dat Hij in Zijn wet iets vraagt, wat de mens niet kan doen?

Nee, a want God heeft de mens zó geschapen, dat hij aan de wet kon gehoorzamen. b
Door de verleiding van de duivel
c en hun moedwillige ongehoorzaamheid
hebben de mensen, met al hun nakomelingen, zichzelf hiervan beroofd.

10

Laat God deze ongehoorzaamheid en ontrouw ongestraft?

Nee, God vertoornt Zich heel erg over de erfzonde en over de zonden die wij doen. a
Hij spreekt over die zonden Zijn rechtvaardig oordeel uit
en Hij wil ze in dit leven en straks eeuwig bestraffen.
b
God heeft gezegd in Zijn Woord:
'Vervloekt is ieder die niet blijft bij alles wat geschreven staat in het boek van de wet,
om dat te doen
' (Galaten 3:10).
c

11

Maar God is toch liefde?

God is wel barmhartig en vol liefde, a maar Hij is ook rechtvaardig. b
Het is rechtvaardig en eerlijk dat op zonden die gedaan zijn tegen God,
de allerhoogste Koning, de zwaarste straf staat:
de eeuwige straf aan lichaam en ziel.

hedendaags
HSV
16
leermodusleren