57

Wat troost geeft u de opstanding des vleses?

Dat niet alleen mijn ziel
na dit leven van stonden aan
tot Christus, haar Hoofd,
zal opgenomen worden,
a
maar dat ook dit mijn vlees,
door de kracht van Christus opgewekt zijnde,
wederom met mijn ziel verenigd
en aan het heerlijk lichaam van Christus
gelijkvormig zal worden.
b

58

Wat troost schept gij uit het artikel van het eeuwige leven?

Dat, nademaal ik nu
het beginsel der eeuwige vreugde
in mijn hart gevoel,
a
ik na dit leven
volkomen zaligheid bezitten zal,
die geen oog gezien,
geen oor gehoord heeft,
en in geens mensen hart opgeklommen is,
en dat, om God daarin eeuwiglijk te prijzen.
b

origineel
SV
16
leermodusleren